Inmiddels had ik al behoorlijk wat groepsritten gereden met verschillende motorcommunities via social media. Maar deze rit was anders. Vandaag zouden we op pad gaan met een groepje collega’s. Hoewel dat ook best spannend is, je hebt immers geen idee hoe iemand rijdt, vond ik het juist leuk om elkaar eens op een andere manier te leren kennen dan alleen op de werkvloer.
Eén klein minpuntje: mijn Cardo lag ter reparatie. Gelukkig had mijn motorguy nog een AliExpress-variant liggen die ik mocht lenen. Dat leek een prima oplossing… totdat onderweg naar het verzamelpunt in Vianen ineens het complete communicatiesysteem van mijn helm af vloog. Gelukkig reed er op dat moment niemand vlak achter me, anders had het zomaar heel anders kunnen aflopen.
Na een kop koffie bij Van der Valk in Vianen was het tijd om te vertrekken. Mijn managers hadden een mooie route uitgestippeld, het weer was goed en iedereen had er zichtbaar zin in en dus gingen we op pad. Na een paar kilometer draaien we de Lekdijk op, maar al snel kwamen we achter een auto die relatief langzaam reed. Mijn manager op zijn Ducati passeerde de auto, maar mijn andere manager (tevens voorrijder) op zijn Hayabusa bleef er nog even achter hangen. Daarom besloot ik in te halen, in de hoop dat dit voldoende seintje was voor de rest om ook mee te gaan. Zeker op zo’n mooie dijk vol bochten werkt het natuurlijk niet als je met 40 km/u achter een auto blijft hangen. De manager op de Hayabusa volgde en langzaam sloot de rest van de collega’s ook weer aan. Omdat iedereen nog bezig was met de inhaalactie, draaiden wij de gashendel toch even wat verder open. Het was een prachtige dijk en bovendien ideaal om de bochtentechnieken van mijn training van vorige week te oefenen. Ik lette op mijn houding, keek goed door de bocht en probeerde de bochten zo netjes mogelijk in te schatten.

Maar dan komt er een bocht en zie ik in mijn spiegels dat mijn business unit manager relatief dicht achter mij zit. Ik merk dat ik daardoor wat onzeker word en neem iets gas terug. Niet omdat ik de bocht niet aandurf, maar omdat ik niet wil dat zij boven op mij zit als ik de bocht toch verkeerd inschat en moet remmen. Ik zie mijn managers langzaam uitlopen en glimlach. Op een dag weet ik zeker dat ik zulke bochten ook sneller en strakker kan rijden. Maar dan gaat het mis… Ik vind het nog steeds moeilijk om onder woorden te brengen wat er precies gebeurde. Het ging allemaal zó ontzettend snel. Ik weet niet of hij te hard ging en ineens moest remmen of misschien te hard remde. Remmen in een bocht moet je sowieso niet willen natuurlijk. Het enige wat ik zie is mijn manager, op zijn Hayabusa, die crasht. Onderdelen vliegen door de lucht en hij verdwijnt van de dijk af.
Ik ben ineens beland in een slechte film. Het kippenvel trekt over mijn lijf. Ik gebaar met mijn arm dat mijn business unit manager afstand moet nemen omdat ik ga remmen. En maak dan een noodstop. Als ik stilsta, stap ik direct af. Alleen vergeet ik door alle adrenaline één heel belangrijk detail: afstappen zonder de standaard uit te klappen werkt niet met mijn lengte. Zodra ik mijn been over de motor komt, voel ik mijn motor kantelen en krijg hem niet meer terug in balans. Om te voorkomen dat ik zelf met de motor mee onderuit ga, moet ik hem loslaten. Met een harde klap valt hij op het asfalt. Ik vloek luid, maar op dat moment is het natuurlijk slechts materiële schade. Ik ren direct naar de rand van de weg, waar het hekwerk behoorlijk vernield is. Paniekerig zoek ik mijn manager en zie hem uiteindelijk aan de andere kant van het weiland rechtop naast zijn motor staan. Ik voel een enorme opluchting. Ik zet mijn helm af en samen met mijn andere manager zet ik mijn motor weer overeind.

Terwijl we daar staan, passeert een wielrenner die roept: “Bravo! Applaus! Goed gedaan!” De adrenaline giert nog door mijn lijf en ik roep hem woedend wat zeer vriendelijke woorden na.
Niet veel later staat mijn manager weer boven aan de dijk en moeten we schakelen. We bellen de benodigde instanties en zorgen ervoor dat we zo snel mogelijk op een veilige plek komen te staan. Even verderop vinden we een zijweg waar we uit de verkeersstroom staan. Ik had al gezien dat mijn knipperlicht gesneuveld was, maar zodra ik weer op mijn motor stap, zie ik dat ook mijn koppelingshendel half los hangt. Fack.

Na een telefoontje met de KNMV Pechservice blijkt al snel dat zij weinig kunnen betekenen wanneer de pech het gevolg is van schade. Daarvoor moet ik mijn verzekering bellen. Dat betekent dus vooral dat het mijn eigen probleem wordt. Ik bel mijn motorguy, maar hij blijkt een verjaardag op de planning te hebben, maar als er geen andere opties zijn mag ik hem zeker terugbellen. Daarom besluit ik het eerst maar via de verzekering te proberen. Na ruim dertig minuten in de wacht bel ik hem toch.
Mijn motorguy twijfelt geen moment en komt alsnog met een trailer mijn kant op. Eerst kijkt hij nog of hij mijn koppelingshendel kan vervangen door een reserve-exemplaar dat hij bij zich heeft. Helaas past die niet. Uiteindelijk laden we mijn motor op de trailer.

En zo eindigt een rit waar ik me zo op had verheugd heel anders dan verwacht. Mijn motor gaat op de trailer naar huis en ik stap, voor de allereerste keer als een backpack, achterop bij mijn business unit manager..

