“Heee ouwe motormuis” zegt dr. Jaquet als ik hem tref op de gang op de afdeling Plastische Chirurgie. “Ja ik volg je natuurlijk, erg leuk om te zien met al dat motoren”. Ik moet lachen maar loop richting de kamer en zeg hem dat de verpleegkundige wel heel erg streng kijkt en ik hem zo spreek.

Wanneer hij kort daarna de spreekkamer binnenloopt kan het niet anders dan dat hij me vraagt hoe dit nu kan met Feyenoord. “Tsja met Feyenoord is het 5 jaar kut, dan winnen we een keertje de beker en zijn we allemaal blij. En dan worden we ergens nog een keertje kampioen en dan beginnen we weer opnieuw”, antwoord ik met een kritische blik.
Na nog een beetje slap ouwehoeren vraagt hij wat hij voor me kan doen. En ik vertel hem dat de laatste intake van mijn benen, de “afwijzing” in verband met mijn toch nog te hoge BMI en dat we tijdens het laseren van m’n littekens besproken hadden hier nog eens een gesprek over zouden hebben wat mijn opties zijn. Dat ik inmiddels wel met het GLI programma ben gestart, maar dat de medicatie die momenteel vergoed wordt mij niet gaan brengen naar het gewicht waar hij me wil zien voor de operatie aan m’n benen.
“Weet je wat het is dame, ik mag je echt zo ontzettend graag. Je bent altijd zo positief. Maar ik wil wel oprecht een veilige operatie voor je. Ik heb al veel operaties gedaan. Ik heb zoveel gezien al. En er is zoveel impact bij een operatie van de benen. Want er staat enorm veel spanning op die wonden onder de beste omstandigheden. Als je dan al wat zwaarder bent en de wond barst open, dan is de kans op trombose of een longembolie nog groter. En dan kan je zomaar maanden op de intensive care terecht komen. Of erger, dat is niet een gesprek die ik wil moeten voeren met je familie.”
Ik merk dat ik het moeilijk vind en wat emotioneel word. Ik begrijp het wel, heus. De impact en het risico zijn hoog, maar tegelijkertijd heb ik zo ontzettend hard gewerkt om hier te komen. Ik wil ook nog graag m’n buik laten doen. Maar het klinkt alsof het allemaal geen optie zal zijn. “Als je alles wil, dan moet je helemaal tot boven open” terwijl hij wijst tot onder z’n borst “en dat risico wil ik gewoon niet nemen. Maar als jij zegt Jean-Bart, ik wil een pubislift en het onderste gedeelte van m’n buik eraf. Dan kan ik dat zeker voor je doen. Het zal alleen wel minder mooi worden.“
Wat ik daar precies van vind, weet ik nog niet. Ik wilde dit gesprek omdat de vorige keer met de arts-assistent me een nare bijsmaak had gegeven. En dit gesprek raakt me dan weer juist door zijn oprechte eerlijkheid. “Ik zie echt niet graag huilende vrouwen”. En ik weet ook heus wel dat hij het beste met me voor heeft.
Hij vraagt me om te kijken hoe het gaat met het GLI traject, hoeveel dat voor een verschil zal kunnen maken. Ik geef aan dat dat nog even gaat duren, maar dat ik morgen m’n controle heb bij de Bariatrie. Waarop hij laat weten dat hij het verslag zo zal schrijven dat het hopelijk wat snelheid erin kan gooien bij de Bariatrie. Dat laatste betwijfel ik, maar niet geschoten is altijd mis. “Rijd je wel voorzichtig?” zegt hij, als hij z’n arm even kort om me heen slaat en richting z’n volgende afspraak gaat.

