Het heeft een tijdje geduurd voor ik zeker was of ik iets wilde schrijven over dit onderwerp. Want ik weet niet zeker of er ruchtbaarheid aan geven helpt en of dat zulke mensen überhaupt de aandacht verdienen. Maar als dingen mij maar vaak genoeg gaan irriteren, dan komt het vanzelf!
Feit; Mensen zijn judgemental. Je kan wel zeggen dat je dat niet bent. Maar hoe je het ook went of keert, er zal altijd een punt zijn dat je een mening hebt (en vindt dat je die mag hebben) over iemand. Omdat iemand iets doet wat jij nooit zou doen, omdat je ergens iets van vindt wat niet in je straatje past. Of in een aantal gevallen omdat iemand gewoon vindt dat ze alles maar mogen zeggen wat er in ze op komt. Dat is de maatschappij waar we in leven, eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ikzelf mij daar ook wel eens schuldig aan maak.
Alleen als je niet voldoet aan het “perfecte plaatje” van de maatschappij, dan krijg je toch veel vaker dan gemiddeld ‘zomaar’ opmerkingen naar je hoofd geslingerd.
Vandaag werd ik bijvoorbeeld zomaar een vette zeug genoemd. Ik was eigenlijk best verbaasd. Ja ik weet wel dat ik dik ben hoor, begrijp mij niet verkeerd. Maar dit werd gezegd door iemand die achter mij liep en wie ik geen enkele aanleiding gaf voor deze uitspraak. Of nouja, behalve overgewicht hebben dan 😉
Heel erg lang heb ik mij van zulke dingen vrij weinig van aangetrokken. Ik ben altijd al wel wat voller geweest, maar toch had ik een soort zelfvertrouwen waardoor het mij niet interesseerde hoe iemand daar over denkt. Mensen die mij kennen en om wie ik geef, die meningen vind ik belangrijk. Verder maakte het mij nooit zoveel uit. Behalve dat ik het absoluut niet accepteerde en precies zei wat ik dacht.
Vooral nu, besef ik mij wat een zegening dat is. Niet over het feit dat ik altijd een weerwoord had, of moest hebben. Maar wel dat ik dingen zo langs me kon laten gaan. Het afgelopen jaar was zwaar. Corona, thuiswerken, verandering, eenzaamheid, mijn relatie die over ging, aankomen en niet meer zo goed voor mijzelf zorgen. Dat doet iets met je, dat doet iets met je zelfbeeld. Niet alleen het extra gewicht wat je ziet, iedere ochtend als je in de spiegel kijkt is confronterend. Maar ook wat je ziet als je jezelf in de ogen kijkt. Dofheid in plaats van die glans, om nog zin te hebben in het leven.
Als je zo ‘struggled’ met wie je bent, wat je bent en waar je nu staat, dan kan een mening van een ander, zelfs als je die niet kent, net dat stukje zijn wat nodig is om over de rand van de afgrond te gaan. Dat besef ik mij inmiddels maar al te goed.
Zo word ik zonder reden neergezet als een ‘vette zeug’ door iemand die ik niet ken, die mij niet kent. De gozer blijft vlakbij mij stil staan en ik kijk hem indringend aan. Zodat hij beseft dat ik hem gehoord heb. Eigenlijk wil ik er iets van zeggen, ik was ook al in opperste paraatheid aan het denken hoe ik deze gozer op zijn nummer zou zetten. Ik heb meestal niet zoveel nodig om vlijmscherp uit de hoek te komen. Maar de therapie van gister houdt mij tegen. Ik moet leren dingen beter te pareren, los te laten of mij er niet om druk te maken. Als ik wel reageren zou komt er ruzie. En niet zo’n beetje ook. Nu heb ik hem aangekeken en bleef hem aankijken. Bij ieder oogcontact wist hij niet hoe snel hij weg moest kijken. En uiteindelijk is hij ergens anders gaan staan.

Ik vier mijn overwinning, nouja soort van dan. Ik erger me nog steeds aan iemand zoals hij. Maar voor deze ene keer, de allereerste keer in mijn leven heb ik mij niet uit de tent laten lokken. Ík heb bepaald of ik boos werd of niet en was daarmee in volledige controle over m’n eigen emoties.

