Na de operatie en het verblijf in het ziekenhuis met de nodige pijnaanvallen, vind ik het best eng om naar huis te gaan. Wat als het dan gebeurt? Hoe ga ik er dan mee om? Maar dat is natuurlijk geen reden om in het ziekenhuis te blijven.
Eenmaal thuis word ik warm onthaald door m’n diertjes en m’n beste vriendin M. die op ze heeft gepast de afgelopen dagen. Het is wel gek om weer thuis te zijn, maar aan de andere kant ook ontspannend. Even geen gedoe meer aan m’n hoofd. Nadat M. Bella heeft uitgelaten en zeker weet dat mij niets tekort komt maakt ze aanstalten om weer richting huis te gaan. Ik ben blij dat ze er is, maar na de afgelopen dagen is het toch ook prima om even alleen te zijn. En na de lunch val ik in slaap op de bank.

Na het avondeten neem ik wat fruit, het bakje krijg ik niet leeg en laat ik staan tot een later moment op de avond. Zo rond een uurtje of 8. Ik prik nog een stukje aardbei en mandarijn aan m’n vorkje en steek het in m’n mond. En bijna gelijk voel ik dat het niet goed is. Ik word misselijk en bijna direct voel ik een stekende pijn. Het is volgens mij niet in m’n maag, meer iets hoger tussen mijn borsten. De combinatie van de misselijkheid en pijn maakt dat ik het benauwd krijg. Ik ga naar de wc en probeer te spugen. Maar het wil niet. Wat ik ook probeer, het lukt niet. Alleen wordt de pijn wel erger en ik merk dat ik ga hyperventileren. Ik probeer de situatie het hoofd te bieden en al ijsberend probeer ik de pijn weg te puffen. Misschien is het gewoon het eten en moet het even zakken? Maar de pijn die voorkomt dat ik goed kan ademhalen. Na wat overleg met de buuf bel ik het ziekenhuis en leg de situatie uit. Ze moet overleggen en ik sta een tijdje in de wacht. “Hoe gaat het nu?” vraagt ze als ze mij uit de wacht haalt. Nouja kut. De chirurg wil dat ik naar de spoedeisende hulp kom, ze weten dat ik kom.
Relatief snel word ik geroepen. Ik krijg een eerste onderzoek, er wordt bloed afgenomen en een infuus aangelegd zodat ik daar zo pijnstilling door kan krijgen. Daarnaast worden m’n bloeddruk en zuurstof gemeten. Samen met een kotsbakje word ik terug naar de wachtkamer gestuurd, waar ik kort daarna word opgehaald voor een foto. Maar omdat er geen kamers vrij zijn word ik wederom teruggebracht naar de wachtkamer.

Buurvrouw J. brengt me wat ijskoud water. En ik merk dat de paar slokjes de pijn en misselijkheid doen toenemen. Al helpt de man met een ietwat zwerverachtig voorkomen inclusief bijbehorende geur ook niet. Na een tijd lijkt de misselijkheid wat af te nemen, ook het ademen gaat beter voordat ik opmerk dat de stekende verkrampende pijn ook is verminderd. “Je begint er wat beter uit te zien” zegt J. En ik besef me dat ik me dat ook wel voel. Wat maar goed is ook, want het duurt echt een behoorlijke tijd voordat we opgehaald worden om naar een onderzoekskamer te gaan. Als ik plaatsneem op het bed worden er gelijk allerlei toeters en bellen op me aangesloten. M’n hartslag, bloeddruk en zuurstof worden gemeten.

Ze vraagt hoe het gaat en kijkt of de uitslagen al binnen zijn van de foto en het bloedonderzoek. Waarbij ik bevestig dat dat het geval is, die had ik namelijk al terug gezien in m’n Maasstad account. Ze vraagt ook of ik dan weet waar het allemaal voor staat. “De rode afwijkende waarden lijken te maken te hebben met mijn nieren, lever en alvleesklier”. Waarop we het nog even hebben over Google en de heftige hits die je kan krijgen. Toch krijg ik verder nog geen informatie over de bloedwaarden of de foto die ze hebben gemaakt. “De arts komt zo bij je kijken. Of nouja zo, zo snel mogelijk”. Ik vraag of ik al pijnstilling mag inmiddels, of dat ik moet wachten op de arts. Dat laatste is helaas het geval.

Na enige tijd komt de arts van interne geneeskunde en neemt alles door. Ze geeft aan dat mijn zuurstof te laag is. Ze luistert naar mijn hart en longen. Gezien de klachten wil ze misschien een CT scan, maar de vloeistof is niet erg goed voor de nieren. Dus ze wil even overleggen met de chirurg en haar supervisor. Mocht de scan noodzakelijk zijn word ik zo opgehaald. En dat gebeurt inderdaad. Binnen een mum van tijd word ik opgehaald en naar een ruimte gebracht met een apparaat. Dit is mijn eerste CT scan ooit dus ik krijg uitgelegd hoe het werkt. “De contrastvloeistof geeft een vieze smaak in je mond, maar het kan ook lijken alsof je in je broek gaat plassen. Dat is niet zo, maar dat doet de warmte sensatie”.
De scan duurt maximaal zo’n 10 minuten en commandeert mij te ademhalen, mijn adem vast te houden of juist weer door te ademen. De vieze smaak in mijn mond is gelukkig maar van korte duur maar het wordt inderdaad op een rare manier warm tussen mijn benen en die warmte trekt ook nog iets door naar mijn rechteronderbeen. Ik wil eigenlijk m’n benen recht leggen, aangezien ik deze gekruist over elkaar heb, maar ik durf mij niet te bewegen. Wanneer de scan klaar is word ik naar het observatorium gebracht. Ik schrik, want de vorige keer dat ik daar was moest ik blijven. Maar daar staat J. al op mij te wachten. De spoedeisende hulp is vol en ze hadden het kamertje alweer nodig. Dus worden we hier gebracht om de uitslag af te wachten. 23:15, we zijn inmiddels zo’n 2 uur in het ziekenhuis.
Wat we gelukkig toen nog niet wisten is dat het grote wachten pas echt was begonnen. Er loopt wel zo nu en dan iemand heen en weer, maar niemand voor ons. Als het eerste uur verstrijkt begint de irritatie ook enigszins te komen. Ik had om 21:00 al m’n wekker voor paracetamol, maar dat had ik thuis laten liggen. En al die tijd, ook bij de arts kreeg ik geen pijnstilling toegediend. Ik begrijp wel dat de pijn waarvoor ik daar was al was afgenomen, maar daarnaast ben ik ook nog een herstellende patiënt die amper 2 dagen is geopereerd. Wanneer het 01:00 is vraag ik de verpleger of het nog lang gaat duren. Ook vanwege het feit dat ik altijd nog geen pijnstilling heb mogen krijgen. Aan de pijnstilling kan hij wel iets doen, op de rest heeft hij helaas geen antwoord.

“Nou daar zitten we dan he Buuf. De volgende keer gaan we wel een Ladies night out doen onder betere omstandigheden hoor” en de buurvrouw schiet in de lach. “Maar het is toch wel bizar dat ze ons zolang laten wachten?” Ik kan het niets anders dan met haar eens zijn. Ik stel voor dat ze naar huis gaat, dan bel ik wel een taxi als ik nog naar huis mag. Daar wil ze niks van weten en ze loopt weer richting de verpleger. Na zo’n beetje de 300ste keer (het is inmiddels al 02:00 geweest) weet ze hem te ontfutselen dat ik naar huis mag. De arts komt zo met een recept. Ik besluit dus maar in actie te komen en vraag hem vast mijn infuus eruit te halen.
Zo rond 02:30 komt de arts. Ze verontschuldigt zich voor het lange wachten maar maakt tegelijkertijd een sneer dat ze zichzelf niet kan klonen en haalt uit naar de bezuinigen in de zorg. Ik besluit het maar te laten voor wat het is. Ik begrijp het wel hoor, maar 4 uur lang wachten op een uitslag dat ik geen longembolie of ontsteking heb (na ongeveer 45 minuten zag ik het rapport online staan) en een recept voor pantoprazol waar ik nog 2 doosjes van thuis heb liggen maakt het er niet beter op.

Maar ik heb het koud, ben moe en wil gewoon naar huis. Dus ik bedank de arts en de verpleger en we zoeken onze weg naar buiten.

Dit avondje uit mag wat mij betreft ten einde komen.


Wat een avontuur weer. Nu maar gauw opknappen.
LikeLike