Na m’n operatie en de beslissing van de arts om mij nog niet naar huis te sturen, beleef ik eigenlijk een vrij rustige dag. De pijn verdwijnt niet, ook niet ondanks de ingenomen OxyCodon maar ik probeer zo goed en kwaad rustig te blijven, te dealen met de pijn en een boek te lezen. Rechtop, niet teveel liggend zodat er geen longontsteking kan ontstaan. De voeding komt mij her en der van eten en drinken voorzien. M’n lieve dinnie M., die thuis op mn diertjes past komt ook nog even langs en brengt wat spulletjes mee.
Dan komt de medicatie verpleegkundige om 16:00 met m’n pilletjes en een poedertje, met de mededeling dat ik dit allemaal pas om 17:00 mag innemen. Ook geen bekertje of roerstaafje voor het poeder, maar dat ontdek ik later pas. Om 20:00 gebeurt wederom hetzelfde. Ik mag het pas tussen 21:00 en 22:00 innemen. Hoewel ik prima in staat ben even een wekkertje te zetten voor medicatie vind ik het wel absurd. Ik lig in het ziekenhuis ziek te zijn en dan moet ik allerlei tijden in de gaten gaan houden om m’n pijnmedicatie in te nemen. Daar zijn zij toch voor?! En de eerste ronde kan ik ook nog zelf op zoek gaan naar een bekertje en een roerstaafje. Ronde twee merk ik op dat dit er niet bij zit en krijg ik dit wel alvast.
De rest van de avond zie ik niemand meer. Ik begrijp ook wel als ik niet bel dat er niet per se iemand komt. Ook omdat de rest van m’n kamer inmiddels naar huis is. Maar een verpleegafdeling waar het relatief rustig is door Hemelvaart, is dan toch ook af en toe een blik om de deur werpen om te zien of alles nog naar behoren gaat? Blijkbaar niet, ik hoor af en toe wat luid gelach uit de hoek van de verpleegkundigen komen en besluit mezelf klaar te maken voor de nacht. Ik sluit de gordijnen en doe het licht uit. Ik maak een redelijke nacht, maar ben al vrij vroeg wakker. Half 7. Doordat de pijn draaglijk is, verwacht ik vandaag wel naar huis te gaan. Ik begin dan al op tijd met me op te frissen. Mocht het dan toch mis gaan, dan weten we dat maar op tijd.
Rond 09:00 komt de arts en hij vraagt of ik het aandurf om naar huis te gaan. Eerlijk? Ik vind het mega spannend, maar als ik terugblik op mijn verblijf van gister dan besef ik me dat dat thuis ook prima kan. Dus ik geef aan dat ik vermoed dat dat wel moet lukken. Ik informeer m’n bevriende buurvrouw J. en ze laat me weten dat ze er zo snel mogelijk aan komt.
Voor m’n ontslag en het verwijderen van m’n infuus komt er nog een verpleegkundige langs. Ze vertelt me dat ik nog zeker 24 uur niet mag douchen. Ik vraag naar de pleisters en vertel dat niemand m’n wondjes heeft bekeken. “Niemand?!?!”. Maar misschien heeft iemand dat net na de operatie gedaan” antwoordt ze. Oké vooruit niet terwijl ik bij bewustzijn was tenminste. En de pleisters zien er ook niet uit alsof er aan ‘gepulkt’ is om ze even los te maken. Toch maakt het geen verschil, ze kijkt er niet naar en na het overhandigen van de envelop met afspraken gaat ze weg. Vorig jaar met mn maagverkleining is ook verzuimd naar mn wondjes te kijken, maar werd dit in ieder geval nog gedaan toen ik het aangaf. Eigenlijk gebeurt nu hetzelfde, maar word ik gewoon naar huis gestuurd zonder een degelijke controle ervan. Laten we het maar houden op goed vertrouwen?

Dan is het bijna tijd om te gaan en terwijl ik wacht knoopt de zaal-buurman een praatje met me aan. Hij vertelt dat hij 3 jaar geleden aan z’n galblaas is geopereerd en inmiddels voor z’n 3e buikwandbreuk komt. Door de galblaasverwijdering is zijn buikwand slapper geworden en zijn zware dingen (sjouwen tijdens een verhuizing etc.) dingen die eigenlijk niet meer verstandig om te doen. Er ontstaan dan breukjes in het littekenweefsel en de buikwand. “Een soort liesbreuk maar dan op een andere plek” zegt de man. Stiekem schrik ik daar een beetje van want dat is mij nooit verteld. Ja het gebrek van m’n galblaas kan invloed hebben op wat vetter eten. Maar niet dat het zo’n fysieke impact zou hebben. De bokstrainingen flitsen aan mij voorbij en ik begin een beetje angstig te worden voor de toekomst. Maar dan komt de buurvrouw binnen en laat ik het even voor wat het is.
Eerst maar eens naar huis!

