“Vandaag gaan we balspelen doen” zegt de bewegingstherapeut als hij de wachtkamer in loopt. We zijn enkel met z’n tweeën vandaag, dus we hebben enigszins keuze. We kunnen badminton of (tafel)tennis doen, maar ook is er keuze uit basketbal of andere balspelen.
Mijn hamstring geeft me nog echt veel last, dus pas ik voor de balspelen waar je aan het rennen moet. Badminton en tennis heb ik in de eerste week al gedaan, dus kies ik voor tafeltennis. Ik verkondig vol trots dat ik vroeger bij een tafeltennisvereniging heb gezeten, maar eerlijkheid gebied te vertellen dat ik vaak meer in de kleedkamers aan het chillen was met jongens dan dat ik aan het trainen was. Tijdens wedstrijden wonnen we dan ook alleen maar omdat er iemand echt heel goed in m’n team zat, die mijn slechte spel compenseerde.
Toch gaat het best goed. Ja vooruit de eerste balletjes sloeg ik faliekant mis, ik schaam me er bijna voor. Maar daarna ging het best goed. En wist ik op sommige momenten J.B. eruit te spelen. *heel trots momentje*.

Na een half uur vraagt de bewegingstherapeut of het tijd is voor wat anders. De andere mevrouw zegt volmondig ja. Alleen zelf heb ik eigenlijk de smaak wel te pakken, dus ik wil liever blijven tafeltennissen. Maar aangezien ze met z’n tweeen zijn stel ik voor dat de één met de andere dame dan gaat badmintonnen en de ander met mij nog even gaat tafeltennissen. Dat is wel fijn, want daar krijg ik nog wat tips over m’n houding, ademhaling en manieren om dit goed uit te voeren.
En voordat ik het besef is het uur al voorbij. “Je vond het leuk hè, zou je dit nou echt vaker kunnen doen denk je?” vraagt J.v.W.. Leuk vond ik het zeker. En vaker zou ik het best willen doen, maar dan meer op vakantie of een keertje zo bij mooi weer. Er zijn andere sporten die ik leuker vind en daar komt tafeltennis dan net weer niet in de buurt.
Maar ik heb me vermaakt en in de bus terug naar huis merk ik dat ik onbewust door mijn houding m’n core toch wel getraind heb. Want alles voelt vermoeid. Nice wel, maar nu tijd voor chillings!

